FTP Kennisbrief, Nr. 96
 
Onderwerpen in dit nummer:
 

 

DE MILJOENENNOTA VOOR UW KLANTEN

Nu bestellen = nu ontvangen

De Miljoenennota in duidelijke taal voor uw klanten. De belangrijkste plannen en maatregelen uit de Miljoenennota en Rijksbegroting 2019 in 6 heldere artikelen: o.a. over zorg, wonen, koopkracht en belasting. U kunt de artikelen op uw website plaatsen of gebruiken voor uw nieuwsbrief of blogs.

Prijs: €99 excl. btw (€119,79 incl. btw).

Nu bestellen = Nu ontvangen.

Ja, ik bestel de consumentenversie van de Miljoenennota 2019

 



Miljoenennota 2019 voor financials

 

Met deze special van de FTP Kennisbrief ontvangt u een overzicht van de maatregelen uit de Miljoenennota 2019. Eventuele aanpassingen van de kabinetsmaatregelen, bijvoorbeeld na de Algemene Beschouwingen, leest u in de reguliere maandelijkse FTP Kennisbrief.

 

Citaten troonrede 2018

“Nederland is sterk door de beschikbaarheid van zorg, onderwijs en een dak boven het hoofd.

De regering wil dit sterke land nog beter maken. De economische voorwaarden zijn daarvoor aanwezig. In 2019 groeit de economie voor het zesde jaar op rij. Naar verwachting neemt het nationaal inkomen volgend jaar met 2,6 procent toe en bedraagt het overschot op de rijksbegroting 1 procent. Hierdoor wordt de staatsschuld lager en is Nederland beter voorbereid op toekomstige economische schokken. De werkloosheid daalt naar een historisch laag niveau van 3,5 procent.

Meer mensen moeten concreet merken dat het goed gaat: thuis, op het werk en in de wijk.

Er leven vragen: kunnen wij en onze kinderen blijven rekenen op goede zorg, een betaalbaar huis, een baan, goed onderwijs, een veilige buurt, een schone leefomgeving en een goed pensioen?

Voor de kracht van de samenleving is het positief dat mensen volgend jaar meer te besteden krijgen, zowel de brede middengroep van mensen met een modaal inkomen als ouderen en uitkeringsgerechtigden. De lonen in ons land stijgen. Mensen vinden weer een baan, maken carriŤre of gaan meer uren werken. En door een modernisering van ons belastingstelsel gaat werken meer lonen. De belasting op consumptie gaat iets omhoog, waardoor ruimte ontstaat voor lagere lasten op arbeid. Per saldo houden huishoudens de komende jaren meer over.

De gunstige economie biedt ruimte om de sociaaleconomische structuur van ons land sterker en moderner te maken.”

 

Miljoenennota 2019

“Om met vertrouwen naar de toekomst te kunnen uitzien, onderneemt het kabinet actie. Door te investeren in onder meer onderwijs, defensie, veiligheid en infrastructuur. En door de gaswinning uiterlijk in 2030 te beŽindigen… Tegelijkertijd laat deze begroting een overschot zien van 1 procent van het bbp.

Het kabinet wil dat alle groepen volgend jaar in hun portemonnee merken dat het goed gaat met de economie. Daarom gaat meer dan 95 procent van de Nederlandse huishoudens er volgend jaar op vooruit.

In de mondiale economie … bedreigen de brexit en de kans op handelsconflicten de economische groei. Het kabinet bereidt Nederland voor op zulke economische tegenwind door de overheidsfinanciŽn in 2019 verder op orde te brengen. Maar we zijn er nog niet. De overheidsschuld is nog aanzienlijk hoger dan voor de crisis. Ook het houdbaarheidstekort blijft een aandachtspunt voor het kabinet. Door zorgvuldig om te gaan met belastinggeld, gericht te investeren en de staatsschuld af te lossen, verstevigt het kabinet de basis onder onze welvaart.”

Woorden van minister Hoekstra (FinanciŽn) bij de presentatie van de Miljoenennota.

 

Wat (nog) ontbreekt…

Het kabinet komt met veel, maar tegelijk ook met weinig. Opvallende zaken die ontbreken zijn: het klimaatakkoord, een pensioenakkoord, arbeidsmarkthervorming, sociale zekerheid, maatregelen woningmarkt, belastingstelsel en maatregelen financiŽle markten. Ze staan op de agenda. Dat wel. En minister Koolmees (SZW) heeft aangekondigd dat er dit jaar nog een pensioenakkoord komt.

 

Wat opvalt…

Opvallend zijn de taal en vormgeving van de Miljoenennota 2019. FTP Communicatie ‘vertaalt’ al sinds 2002 ieder jaar de Miljoenennota, maar het is de eerste keer dat we enthousiast zijn over de toegankelijkheid, stijl en opmaak.

 


Economische verkenning

 

De Nederlandse economie groeit dit jaar met 2,8% en met 2,6% in 2019.

De werkloosheid daalt volgend jaar tot 3,5% van de beroepsbevolking. Er zijn dan 320.000 werkzoekenden.

Vrijwel alle huishoudens gaan er in koopkracht op vooruit.

Onzekerheden zitten in het buitenland: mogelijke handelsconflicten, onzekere Italiaanse begrotingsbeleid en de brexit. Als die ontwikkelingen tegenzitten, scheelt dat ons al snel 5% bbp-groei.

Het binnenlandse risico bestaat vooral uit een tekort aan geschikt personeel.

Door de sterke conjunctuur staan de overheidsfinanciŽn in de plus.

Het begrotingssaldo dat geschoond is voor de stand van de conjunctuur daalt in 2019 naar een tekort van 0,4% van het bbp.

CPB, Macro Economische Verkenning (MEV) 2019

 

Risico's

Daarbij zijn er nog 2 risico’s die de economie flinke schade kunnen toebrengen: de fors oplopende private schulden in de eurozone en de mogelijkheid van een stijgende rente. De totale private schuldenlast in de eurozone is nu ruim 160% van het bbp. Dat is fors hoger dan de ruim 150% van het bbp vlak voor de crisis. Schulden zijn gestimuleerd door de lage rente die weer te danken is aan het opkoopbeleid van de ECB. Aan dat beleid komt binnenkort een einde. Dat kan het begin zijn van hogere rentes. En daarmee de betaalbaarheid van de schulden in gevaar brengen. Dat speelt vooral in Zuid-Europese landen. Nederland is relatief goed bewapend tegen de risico’s van private, bancaire en nationale schulden. Maar ook de Nederlandse economie zal een forse tik krijgen als een bank in een land met hoge overheidsschulden in problemen komt. De vraag is of dit onze regering verder beweegt richting een Europese bankenunie.

 



Rijksbegroting

 

De staatsschuld daalt komend jaar verder tot iets onder de 50% van het bbp (ruim €400 miljard) en er is voor het 4de jaar op rij een begrotingsoverschot. Dit keer van 1% van het bbp, ofwel ruim €8 miljard.

 

De economie (bbp) groeit dit en volgend jaar met respectievelijk 2,8% en 2,6%. De groei komt vooral dankzij binnenlandse consumptie (+2,5%) en investeringen (+4%). Ook de overheid draagt met extra bestedingen bij aan de groei. De export groeit in 2019 met ruim 4%.

 

De begroting wordt gedicteerd door uitgaven in de zorg en de sociale zekerheid. Deze 2 posten zijn samen goed voor 55% van alle overheidsuitgaven: €161,5 miljard van €295 miljard.

 

Het begrotingstekort (EMU-saldo) in 2019 komt uit op 0,4% van het bbp en bedraagt €1,2 miljard.

De staatsschuld ligt met 49,5% beneden de EU-norm van 60% van het bbp. De inflatie komt in 2019 uit op 2,5% (2018: 1,6%).

 

De ECB gaat zijn opkoopprogramma afbouwen. De beleidsrente blijft tot medio 2019 op het huidige niveau. De inflatie in de eurozone is nu ± 2%, ongeveer het niveau dat de ECB nastreeft.

 

Het CPB doet houdbaarheidsstudies naar de overheidsfinanciŽn op de lange termijn om te kijken of toekomstige generaties hetzelfde voorzieningenniveau hebben als de huidige generaties, zonder belastingverhogingen. Nederland heeft een houdbaarheidstekort van 0,4% van het bbp, oftewel €3 miljard. Die prognose houdt nog geen rekening met het gasbesluit. Het dichtdraaien van de gaskraan in Groningen kost volgend jaar €300 miljoen, oplopend tot €1,5 miljard in 2023. We kunnen dus uitgaan van een houdbaarheidstekort van ± €4 Š €5 miljard. En dat betekent dat, bij ongewijzigd beleid, in de toekomst nieuwe bezuinigingen of lastenverhogingen nodig zijn.

 

Rijksbegroting 2019

  • Uitgaven: €295 miljard (2017: €264,4 miljard).
  • Inkomsten: €305 miljard (2017: €263,1 miljard).
  • Begrotingsoverschot: €10 miljard ofwel 1,0% bbp.
  • Staatsschuld: 49,6% van het bbp (2017: 62%).
  • Staatsschuld: €404 miljard (2017: €421 miljard).
  • Rente over de staatsschuld: €5,5 miljard (2017: €6,4 miljard).

 


www.ftpcommunicatie.nl

Belastingmaatregelen

 

“Met fiscale maatregelen vergroten we de aantrekkingskracht van ons land voor grote en kleinere bedrijven. De vennootschapsbelasting wordt lager en de dividendbelasting wordt afgeschaft. We willen echte bedrijvigheid belonen en alleen bedrijven naar ons land halen die wat toevoegen aan onze economie. Belastingontwijking, zoals in het geval van brievenbusfirma’s, wordt daarom tegengegaan.” Troonrede

 

Belastingen 2019

In het Belastingplan 2019 staat dat het tarief in box 2 IB in 2021 oploopt van de huidige 25% naar 26,9%. Dat is fors lager dan in het regeerakkoord staat. In 2020 komt er €100 miljoen om de kosten van arbeid in het mkb te verlagen. Onbekend is met welke maatregelen dat gebeurt.

De beŽindiging van de heffing op winstuitkeringen aan aandeelhouders (afschaffing dividendbelasting) per 2020 kost jaarlijks €1,9 miljard, ca. €500 miljoen meer dan eerder geraamd. Het is een zelfstandig wetsvoorstel i.p.v. onderdeel van een pakket belastinghervormingen.

Het tarief van de bronbelasting op dividend, en vanaf 2021 ook op royalty's en rente, wordt hetzelfde als het standaard vpb-tarief: 22,25%.

De vennootschapsbelasting voor winsten vanaf 2 ton gaat in 2021 naar 22,25%.

De verhuurdersheffing voor woningcorporaties gaat met €100 miljoen omlaag.

 

Belastingplan 2019

Op de website van de Rijksoverheid vindt u het Belastingplan 2019 en alle bijbehorende stukken. Deze zijn op 18-09-2018 (Prinsjesdag) aangeboden aan de Tweede Kamer.

 

Vanaf 2021 telt de IB nog 2 schijven i.p.v. de huidige 4. Tot een inkomen van €68.000 is het tarief 37,05%, daarboven is het tarief 49,5%. Het effect hiervan pakt negatief uit voor inkomens tot €20.000 en positief voor hogere inkomens.

 

  • Tarief 1ste IB-schijf stijgt 0,1%, 2de schijf daalt 2,75%, 3de schijf daalt 0,2% als opmaat naar een belastingstelsel met 2 schijven.
  • De maximale arbeidskorting voor mensen met een inkomen tot €35.000 stijgt vanaf 2019.
  • De algemene heffingskorting stijgt met maximaal €184 per jaar tot €2.500.
  • Het lage btw-tarief stijgt van 6% naar 9%.
  • De belasting op aardgas stijgt met €0,03 naar €0,29 per m3, die op elektriciteit daalt met €0,72 naar €0,0974 per kWh.
  • De belastingvrijstelling van de eerste 30% van het inkomen van expats gaat van 8 naar 5 jaar. Er is geen overgangsregeling m.u.v. schoolgelden voor internationale scholen: voor schooljaar 2018/2019 mag de werkgever die in bestaande gevallen belastingvrij blijven vergoeden.

 

IB-tarieven 2018-2021

In 2021 zijn er nog 2 tarieven. Het laagste tarief komt uit op 37,05%, iets hoger dan de 36,93% waarvan sprake is in het regeerakkoord.

  • 2018: 36,55% (tot €20.142) - 40,85% (€20.142-€68.507) - 51,95% (vanaf €68.507)
  • 2019: 36,65% (tot €20.142) - 38,10% (€20.142-€68.507) - 51,75% (vanaf €68.507)
  • 2020: 37,05% (tot €20.142) - 37,80% (€20.142-€68.507) - 50,50% (vanaf €68.507)
  • 2021: 37,05% (tot €68.507) - 49,50% (vanaf €68.507)

 

Tarieven AOW-gerechtigden vanaf 2020

19,15% (tot €33.994) - 37,05% (€33.994-€68.507) – 49,50% (vanaf €68.507)

 

Heffingskortingen omhoog

De maximale algemene heffingskorting gaat naar €2.477 in 2019, €2.642 in 2020 en €2.753 in 2021. Ook het maximum voor de arbeidskorting wordt verhoogd van €3.399 in 2019 tot €3.941 in 2021. De maximale inkomensafhankelijke combinatiekorting (IACK) blijft gelijk, maar wordt al bij een lager inkomen bereikt.

Voor de bepaling van de hoogte van de arbeidskorting en de IACK telt de Ziektewetuitkering voor mensen zonder werk vanaf 2020 niet langer mee als inkomen. De toepassing van de arbeidskorting en de IACK wordt daarnaast voor buitenlands belastingplichtigen in overeenstemming gebracht met het EU-recht.

 

Verhoging lage btw-tarief van 6% naar 9%

Het lijkt erop dat het kabinet een eerste stap zet naar uniformering van btw-tarief. Per 2019 gaat het lage btw-tarief met 3% omhoog naar 9%. Dat raakt de prijzen van goederen (etenswaren, niet-alcoholische dranken, geneesmiddelen, boeken en kunstvoorwerpen) en diensten (taxi’s, fiets- en schoenreparaties, kappers, schilders en stukadoors).

 

Verhoging energiebelasting

Het kabinet schroeft de energiebelastingen fors op. In 2019 komen er hogere bijdragen voor de energiebelasting op aardgas, elektriciteit en de zogenoemde Opslag Duurzame Energie (ODE). Hoe dit precies uitpakt voor individuele huishoudens, hangt af van het energieverbruik. Voor huishoudens met een gemiddeld verbruik van 3.500 kWh stroom en 1.500 kuub gas per jaar komen de belastingverhogingen neer op een extra heffing van €150 per jaar.

 

Banken extra belast

Nederlandse banken verliezen vanaf 2019 jaarlijks bijna €500 miljoen aan belastingvoordelen, zo stelt de NVB. Het kabinet legt hen een minimumkapitaalregeling op en schrapt de fiscale aftrekbaarheid van coco’s. Volgens de NVB zijn banken voortaan in totaal €925 miljoen per jaar kwijt aan belastingen en misgelopen fiscale voordelen. Het grootste deel hiervan bestaat uit de bankbelasting (ingevoerd in 2012), die jaarlijks neerkomt op €475 miljoen.

Daar komen 2 maatregelen bij ter ontmoediging van financiering met vreemd kapitaal:

  • de in 2014 ingevoerde fiscale aftrekbaarheid van coco’s wordt teruggedraaid om banken en verzekeraars te prikkelen om puur eigen vermogen aan te houden. Hierdoor lopen banken en verzekeraars €160 miljoen per jaar mis, zo becijferde het CPB.
  • de nieuwe minimumkapitaalregeling beperkt de mogelijkheden voor banken om zich met vreemd vermogen te financieren. Het maximaliseert de renteaftrek over vreemd vermogen boven 92% van het balanstotaal van een bank. Dit scheelt de banken €260 miljoen.

 

Afbouwtraject

Voor de aftrekbare kosten m.b.t. een eigen woning geldt nu een afbouwtraject van het tarief waartegen deze kosten in aftrek worden gebracht van 0,5% per jaar in de periode 2014-2042. Deze afbouw wordt per 01-01-2020 versneld naar 3% per jaar tot het beoogde aftrektarief van 37,05% in 2023. Dit is dan gelijk aan het basistarief dat per 2021 geldt voor de IB.

 

Naast de hypotheekrenteaftrek geldt het bovengenoemde afbouwtraject vanaf 2020 ook voor de persoonsgebonden aftrek, bijv. alimentatie en giften.

De tariefmaatregel is alleen van toepassing op belastingplichtigen die, als geen rekening zou worden gehouden met de hiervoor genoemde posten, in de hoogste schijf (in 2020 een inkomen vanaf €68.507) belast worden.

 

Tariefmaatregel grondslagverminderende posten

Per 01-01-2020 wordt het tarief waartegen aftrekbare kosten m.b.t. een eigen woning in aanmerking worden genomen versneld afgebouwd. Het zelfde afbouwtraject gaat gelden voor:

  • de ondernemersaftrek: zelfstandigenaftrek, aftrek speur- en ontwikkelingswerk, meewerkaftrek, startersaftrek bij arbeidsongeschiktheid en stakingsaftrek;
  • de MKB-winstvrijstelling, mits het gezamenlijke bedrag van de met de ondernemersaftrek verminderde winst positief is;
  • de terbeschikkingstellingsvrijstelling, mits het gezamenlijke bedrag van het resultaat uit werkzaamheden positief is;
  • de persoonsgebonden aftrek bij uitgaven voor onderhoudsverplichtingen, specifieke zorgkosten, de weekendkosten gehandicapten, scholing, monumentenpanden, aftrekbare giften, het restant persoonsgebonden aftrek van voorgaande jaren en – o.g.v. overgangsrecht – verliezen op beleggingen in durfkapitaal.

 

Verlagen percentage eigenwoningforfait

Er komt een verlaging van het (basis)percentage van het eigenwoningforfait voor woningen met een eigenwoningwaarde vanaf €75.000. De verlaging gebeurt in 3 stappen van elk 0,05% in de jaren 2020, 2021 en 2023. Voor woningen met een WOZ-waarde tussen €75.000 en €1.060.000 (bedrag 2018) gaat het eigenwoningforfait in stappen omlaag van 0,70% tot 0,45% in 2023.

 

De verlaging van het percentage van het eigenwoningforfait geldt niet voor de bijtelling privťgebruik woning die geldt voor tot het ondernemingsvermogen in de IB behorende woningen.

 

Tarief box 2

Het tarief in box 2 gaat omhoog, maar 1,6% minder dan voorgesteld in het regeerakkoord. Het tarief gaat naar 26,25% in 2020 en 26,9% in 2021.

 

Belasting over dga-lening

Dga's gaan per 01-01-2022 belasting betalen voor leningen vanaf €500.000 bij het eigen bedrijf. De fiscus gaat deze leningen beschouwen als belastbare winstuitkeringen. De maatregel treft 23.000 dga's, die samen een schuld hebben van ruim €30 miljard aan hun vennootschappen. Door de nieuwe heffing moeten de dga's over dit bedrag ca. €4,5 miljard winstbelasting betalen.

Dga's hebben dus 3 jaar de tijd om de schuld bij hun eigen bedrijf af te lossen voor zover die groter is dan een €500.000. Ze kunnen deze schuld ook omzetten in een winstuitkering, maar betalen daarover dan 25% belasting in box 2 van de IB.

 

Belastingrente aangiften

Voor de IB wordt geen belastingrente berekend als de aangifte vůůr 1 mei wordt ingediend en de aanslag conform die aangifte wordt vastgesteld.

Voor de erfbelasting wordt, bij tijdig verzoek om een voorlopige aanslag of tijdige aangifte, geen belastingrente berekend als de (voorlopige of definitieve) aanslag erfbelasting wordt vastgesteld conform het ingediende verzoek, of overeenkomstig de ingediende aangifte.

 

Aansprakelijkheid erfgenamen

Het kabinet wil het maximumbedrag waarvoor erfgenamen aansprakelijk zijn verhogen. De aansprakelijkheid wordt uitgebreid met het bedrag van schenkingen die de erfgenaam van de erflater heeft ontvangen, kort (180 dagen) voor diens overlijden.

De uitbreiding geldt niet voor schenkingen die zijn vrijgesteld van schenkbelasting of gevallen waarin de schenkbelasting is kwijtgescholden.

 

Afschaffing dividendbelasting

De omstreden afschaffing van de dividendbelasting per 2020 kost jaarlijks €1,9 miljard. Bovendien zijn er dit en volgend jaar al €190 miljoen aan aanloopkosten. Om dit te betalen gaat de vennootschapsbelasting voor winsten vanaf 2 ton niet van 25% naar 21%, maar (stapsgewijs) naar 22,25%.

 

Met het afschaffen van de dividendbelasting vervalt ook de afdrachtvermindering voor fiscale beleggingsinstellingen in de dividendbelasting. Daarnaast mogen fiscale beleggingsinstellingen vanaf 2020 niet meer direct in Nederlands vastgoed beleggen (vastgoedmaatregel) i.v.m. het afschaffen van de dividendbelasting.

 

Btw-aangifte kleine onderneming

Ondernemers met max. €20.000 omzet in Nederland kunnen vanaf 01-01-2020 kiezen voor een vrijstelling van omzetbelasting. Deze ondernemers brengen geen btw in rekening aan hun afnemers, mogen geen btw vermelden op hun facturen, zijn ontheven van het doen van btw-aangiften en bijbehorende administratieve verplichtingen. Daar staat tegenover dat zij de btw van aankopen niet kunnen aftrekken. De regeling geldt alleen voor in Nederland verrichte goederenleveringen en diensten.

Deze regeling gaat ook gelden voor stichtingen, verenigingen en bv’s.

 

Verlaging vennootschapsbelasting

De vennootschapsbelasting daalt. Het tarief tot 2 ton winst gaat van 20% naar 19% (2019). Vanaf 2 ton daalt de vpb van 25% naar 24,3% (2019). In 2021 liggen de tarieven op respectievelijk 16% en 22,25%.

 

Afschrijving gebouwen in eigen gebruik

De bv kan gebouwen in eigen gebruik alleen nog afschrijven als die in de boeken staan voor een bedrag hoger dan de WOZ-waarde i.p.v. de huidige 50% van de WOZ-waarde.

 

Investeringsaftrek

De energie-investeringsaftrek wordt per 01-01-2019 verlaagd van 54,5% naar 45%.

De milieu-investeringsaftrek en de willekeurige afschrijving op milieubedrijfsmiddelen worden voortgezet tot 01-01-2024.

 


Inkomensmaatregelen

 

Het kabinet Rutte III benadrukt dat alle Nederlanders komend jaar moeten profiteren van de economische groei. Ze gaan het werkelijk in hun portemonnee voelen. Ze zullen meer te besteden hebben. En dus zijn er mooie koopkrachtplaatjes die soms met ad hoc maatregelen opgepoetst zijn. Van alle huishoudens gaat 96% er volgend jaar gemiddeld 1,5% op vooruit. Werkenden het meest (1,6%), gevolgd door gepensioneerden (1,5%) en lage inkomens (0,9%).

De stijging van de koopkracht wordt getemperd door o.a. de verhoging van het lage btw-tarief van 6% naar 9%, de hogere zorgpremie en de hogere energielasten.

 

Koopkrachtgroei inkomensgroepen

  • tot €23.700: +1,1%
  • €23.700 - €37.900: +1,7%
  • €37.900 - €55.200: +1,6%
  • €55.200 - €80.300: +1,7%
  • €80.300 en meer: +1,6%

 

Inkomstenbelasting

  • de algemene heffingskorting stijgt met €44 bovenop de aangekondigde stijging van €140
  • de maximale arbeidskorting stijgt vanaf 2019 en komt in 2021 uit op €3.945 bij een inkomen van ca. €36.000
  • het aftrektarief aftrekbare kosten m.b.t. de eigen woning gaat sneller omlaag
  • de aftrektarief voor enkele grondslagverminderende posten gaat sneller omlaag
  • de inkomensafhankelijke combinatiekorting krijgt een gelijkmatiger opbouw: vanaf het drempelinkomen geleidelijk vanaf nul i.p.v. vanaf een vast bedrag; het opbouwpercentage stijgt naar 11,45%, maar de maximale inkomensafhankelijke combinatiekorting blijft gelijk, waardoor die al bij een lager inkomen wordt bereikt
  • voorstel de voorwaartse verliesverrekeningsperiode in box 2 te verkorten van 9 naar 6 jaar
  • toepassing heffingskortingen IB voor buitenlandse belastingplichtigen
  • ZW-uitkering telt niet langer mee voor arbeidskorting en IACK voor zieken zonder werk

 

 


Woonmaatregelen

 

“Een groot probleem is de oververhitte woningmarkt. Vooral in de grote steden zijn betaalbare woningen schaars en komen starters er niet of nauwelijks tussen. Er is grote behoefte aan woningen met een huur van 700 tot 1000 euro per maand. De regering slaat de handen ineen met gemeenten, woningcorporaties en bouwers. Het gezamenlijke doel is de bestaande woningvoorraad beter te benutten, uitwassen op de huurmarkt tegen te gaan en een inhaalslag te maken in de bouw van nieuwe huizen. De ambitie is om per jaar gemiddeld 75.000 woningen te bouwen.” Troonrede 2018

 

Elke maand kunt u in de FTP Kennisbrief lezen dat de oververhitting van de woningmarkt toeneemt. De prijzen liggen al weer ver boven de records in 2008. In sommige regio’s is de woningmarkt (koop en huur) onbereikbaar voor starters. Er is een fors tekort aan geschikte woningen, zowel koop als huur. En dus moet er gebouwd worden. Het kabinet wil de productie opschroeven naar 75.000 woningen per jaar (2017: 62.000) tot 2025. Maar hoe? Er is een tekort aan grond, materialen en arbeidskrachten.

 

  • De maximale hypotheekrenteaftrek daalt tot 49% (2019). Vanaf 2020 daalt het tarief met 3% per jaar, totdat in 2023 het basistarief is bereikt (37,05%).
  • De ltv-ratio (maximale hypotheek) blijft 100% van de woningwaarde.
  • Bij een hypotheekaanvraag kan het inkomen van de partner voor 75% meetellen.
  • Er komt een verlaging van het (basis)percentage van het eigenwoningforfait voor woningen met een eigenwoningwaarde vanaf €75.000. De verlaging gebeurt in 3 stappen van elk 0,05% in de jaren 2020, 2021 en 2023.
  • Per 2019 wordt de Wet Hillen in 30 jaar tijd afgebouwd met 3 1/3% per jaar. Over 2019 moet er in de IB-aangifte rekening gehouden worden met 96 2/3 % van de Hillen-aftrek.
  • De huurtoeslag daalt gemiddeld met €24 per maand doordat het huurdersdeel groter wordt.
  • De NHG-grens voor 2019 komt uit op €290.000 (nu: €265.000).
  • Begin 2019 komt er een nieuwe heffingsvermindering voor verduurzaming van woningen die onder de verhuurderheffing vallen en met minimaal 3 energie-indexstappen verbeterd worden naar een maximale energie-index van 1,4.
  • Het kabinet verlaagt per 2019 de verhuurdersheffing voor woningcorporaties met €100 miljoen structureel. Het tarief van de verhuurderheffing gaat van 0,591% naar 0,561%.

 

Hogere hypotheek bij energiezuinig huis

Kopers van een nul-op-de-meterwoning of een woning met een Energie Prestatie CoŽfficiŽnt (EPC) van 0 of lager met daarbij een energieprestatiegarantie voor minimaal 10 jaar kunnen ook volgend jaar €25.000 extra lenen. Vanaf 01-01-2019 vervalt mogelijk de eis van een energieprestatiegarantie voor een woning met EPC van 0 of lager. Het extra leenbedrag is dan nog €20.000. Voor deze extra leningen moet het bruto gezinsinkomen minimaal €33.000 zijn. Het extra geleende bedrag wordt buiten de inkomenstoets gehouden.

 

Fiscale eigenwoningregeling

Het maximale tarief waartegen huizenbezitters kosten mogen aftrekken wordt versneld afgebouwd. De afbouw gaat per 2020 van jaarlijks 0,5% naar jaarlijks 3% totdat per 2023 het basistarief van 37,05% is bereikt. Tegelijkertijd verlaagt het kabinet het eigenwoningforfait als compensatie. De aftrek wegens geen of geringe eigenwoningschuld (Hillen-regeling) wordt vanaf 2019 in 30 jaar afgebouwd. In 2019 is er een evaluatie van de fiscale eigenwoningregeling met aandacht voor de complexiteit, doelmatigheid en doeltreffendheid van de regeling en de transactie- en uitvoeringskosten ervan voor huiseigenaren, banken en de Belastingdienst.

 

Einde schenkvrijstelling

In 2019 vervalt de overgangsregeling voor de verhoogde schenkvrijstelling: tot €100.800 belastingvrij aan de eigen kinderen – terwijl er al eerder een hoge schenkvrijstelling was gebruikt – als de schenking besteed werd aan een eigen woning of aan aflossing van de eigenwoningschuld.

Wie nog nooit een eenmalig verhoogde schenking heeft gekregen voor de eigen woning, houdt in 2019 recht op de eenmalig verhoogde schenkvrijstelling.

 

 


Werkmaatregelen

 

“Het wetsvoorstel Arbeidsmarkt in balans heeft als doel dat het voor werkgevers minder risicovol wordt mensen een vast contract aan te bieden. De regering wil daarnaast schijnzelfstandigheid tegengaan. Zzp’ers die bewust kiezen voor het ondernemerschap wordt niets in de weg gelegd.

Omdat een moderne arbeidsmarkt rekening houdt met persoonlijke omstandigheden, wordt het geboorteverlof voor partners verlengd van twee dagen tot maximaal zes weken. Nog teveel mensen met een arbeidsbeperking staan ongewild langs de kant. De regering start een breed offensief om aan hen meer kans te geven op een volwaardige baan. Werken moet lonen, ook voor deze groep.” Troonrede

 

Het kabinet wil dat werken meer oplevert en dat de arbeidsmarkt toegankelijker wordt. Er staan nog te veel mensen langs de kant, aldus de beleidsagenda 2019 van het ministerie van SZW. En daarom:

  • gaan de IB-tarieven – en daarmee ook de loonbelasting – omlaag
  • gaan de heffingskortingen omhoog.

 

SZW constateert dat m.n. ouderen, migranten en mensen met een arbeidsbeperking nog onvoldoende profiteren van het economisch herstel. En omdat daarnaast de arbeidsmarkt verandert, werkt het kabinet aan een evenwichtiger arbeidsmarkt o.a. via de wet Arbeidsmarkt in Balans. Die wet moet het voor werkgevers aantrekkelijker maken om vaste contracten aan te gaan. Ook versterkt het kabinet met de wet de rechtspositie van oproepkrachten en payrollwerknemers. Het past de ketenbepaling aan, om daarbij flexibele contracten beter te laten aansluiten bij de aard van de werkzaamheden. Ook maakt het kabinet het aantrekkelijker om een vast contract aan te gaan, o.a. door toevoeging van een cumulatiegrond aan de redelijke gronden voor ontslag, een verruimde proeftijd, meer balans in de opbouw van de transitievergoeding, en een gedifferentieerde WW-premie naar contracttype. Het financiŽle voordeel van zelfstandigheid neemt gedeeltelijk af, doordat het kabinet de aftrekmogelijkheden (tegen het lage tarief) geleidelijk generiek beperkt.

Het kabinet gaat meer duidelijkheid geven over het al dan niet bestaan van een dienstbetrekking om ervoor te zorgen dat werkenden om de juiste redenen kiezen voor het zzp-schap. Om aan de onderkant van de arbeidsmarkt zelfstandigen vaker bescherming te bieden, is in de toekomst in bepaalde gevallen verplicht sprake van een arbeidsovereenkomst. Tegelijkertijd krijgen zelfstandigen met een hoog uurtarief meer zekerheid.

Het kabinet is met verzekeraars in gesprek over een beter aov-aanbod voor zzp’ers.

Het kabinet stelt een onafhankelijke commissie in die zal onderzoeken of ons huidige stelsel nog aansluit op de arbeidsmarkt van nu en in toekomst.

 

Arbeidskorting

Per 2019 is de maximale arbeidskorting €3.339 en per 2021 €3.941. Deze wordt bereikt bij een inkomen van ca. €36.000. Vanaf dat bedrag wordt de arbeidskorting met 6% afgebouwd, waardoor de arbeidskorting bij een inkomen van ruim €100.000 nul is.

 

Onbelaste vrijwilligersvergoeding

Vrijwilligers kunnen nu een belastingvrije vergoeding krijgen van max. €150 per maand en €1.500 per jaar. Deze vergoedingen gaan per 01-01-2019 naar €170 en €1.700.

 

Wijziging fietsregeling 2020

Het kabinet wil de fiets van de zaak bevorderen (geen eigendomsoverdracht aan de werknemer). Daartoe wil het kabinet een vereenvoudiging van de waardering van het privťvoordeel van de fiets van de zaak. Nu is er een loonbijtelling voor het privťgebruik van de fiets van de zaak. Maar, anders dan bij een auto van de zaak, is er geen eenvoudige waarderingsnorm voor dit loonvoordeel. Belast is de waarde in het economische verkeer van het privťgebruik, zijnde het aantal privťkilometers vermenigvuldigd met de waarde in het economische verkeer van een ‘fietskilometer’. Werknemers moeten dus bijhouden hoeveel kilometers zij privť fietsen met de fiets van de zaak. Onuitvoerbaar dus.

Er komt een forfaitaire loonbijtelling van 7% van de consumentenadviesprijs van de fiets. De fiets van de zaak kan aangeboden worden naast een auto van de zaak. Ook bakfietsen en elektrische fietsen vallen onder deze regeling.

De eigendom van de fiets moet bij de werkgever blijven.

De nieuwe regeling gaat op 01-01-2020 in.

 

 


Ondernemersmaatregelen

 

“Het kabinet verschuift lasten van werk en ondernemen naar consumptie en vervuiling. Het verlagen van de belasting op arbeidsinkomen en bedrijfswinsten wordt deels gecompenseerd door het verhogen van het lage btw-tarief en de milieubelastingen.

Het kabinet wil dat Nederland een aantrekkelijk land is om in te investeren. Het Regeerakkoord draagt daaraan bij door de vpb-tarieven te verlagen naar 16% en 22,25% in 2021. Dit gebeurt in combinatie met een verbreding van de belastinggrondslag. In 2019 wordt vooral de grondslag verbreed, waardoor bedrijven meer vpb gaan betalen. Maar in 2020 en 2021 zorgt de tariefsverlaging per saldo voor lagere vpb-inkomsten. Een belangrijk deel van de grondslagverbredende maatregelen is er ook op gericht om te komen tot een gelijkere fiscale behandeling van eigen en vreemd vermogen. Daardoor worden bedrijven fiscaal minder geprikkeld tot financiering door schulden aan te gaan. Dit komt onder meer door de invoering van een algemene renteaftrekbeperking (earningsstrippingmaatregel) die verder gaat dan is vereist op grond van de Europese richtlijn over belastingontwijking.

Tot slot schaft het kabinet de dividendbelasting af, wat Nederland vooral aantrekkelijker maakt voor de vestiging van een hoofdkantoor. Zowel het mkb als grote ondernemingen profiteren van de lastenverlichtende maatregelen van het kabinet. De lastenontwikkeling voor bedrijven is tijdens de kabinetsperiode gunstiger voor het mkb dan voor grote ondernemingen. De tariefsverlaging in de vpb komt aan beide ten goede. De grondslagverbreding in de vpb wordt echter voor het overgrote deel opgebracht door grote ondernemingen, en maar beperkt door het mkb. Op de lange termijn pakken de maatregelen voor het mkb gunstiger uit dan voor grote ondernemingen. Maatregelen die na de kabinetsperiode een lastenverzwarend effect hebben (zoals de beperking verliesverrekening en ATAD) slaan namelijk vooral neer bij grote ondernemingen.” Miljoenennota

 

  • Het lage btw-tarief stijgt van 6% naar 9%.
  • De belastingvrijstelling van de eerste 30% van het inkomen van expats gaat van 8 naar 5 jaar. Er is geen overgangsregeling m.u.v. schoolgelden voor internationale scholen: voor schooljaar 2018/2019 mag de werkgever die in bestaande gevallen belastingvrij blijven vergoeden.
  • De voorwaartse verliesverrekeningsperiode in box 2 wordt verkort van 9 naar 6 jaar.

 

Verhoging lage btw-tarief

Per 2019 stijgt het lage btw-tarief met 3% naar 9%.

 

Tariefmaatregel grondslagverminderende posten

Per 01-01-2020 geldt de versnelde afbouw van het tarief voor aftrekbare woonkosten ook voor:

  • de ondernemersaftrek: zelfstandigenaftrek, aftrek speur- en ontwikkelingswerk, meewerkaftrek, startersaftrek bij arbeidsongeschiktheid en stakingsaftrek;
  • de MKB-winstvrijstelling, mits het gezamenlijke bedrag van de met de ondernemersaftrek verminderde winst positief is;
  • de terbeschikkingstellingsvrijstelling, mits het gezamenlijke bedrag van het resultaat uit werkzaamheden positief is;
  • de persoonsgebonden aftrek bij uitgaven voor onderhoudsverplichtingen, specifieke zorgkosten, de weekendkosten gehandicapten, scholing, monumentenpanden, aftrekbare giften, het restant persoonsgebonden aftrek van voorgaande jaren en – o.g.v. overgangsrecht – verliezen op beleggingen in durfkapitaal.

 

Tarief box 2

Het tarief in box 2 gaat naar 26,25% in 2020 en 26,9% in 2021.

 

Belasting over dga-lening

Dga's gaan per 01-01-2022 belasting betalen voor leningen vanaf €500.000 bij het eigen bedrijf. De fiscus ziet deze leningen als belastbare winstuitkeringen. Dga's hebben dus 3 jaar de tijd om de schuld bij hun eigen bedrijf af te lossen voor zover die groter is dan een €500.000. Ze kunnen deze schuld ook omzetten in een winstuitkering, maar betalen daarover dan 25% belasting in box 2 van de IB.

 

Afschaffing dividendbelasting

De dividendbelasting wordt per 2020 afgeschaft. Hoerdoor gaat de vennootschapsbelasting voor winsten vanaf 2 ton niet van 25% naar 21%, maar (stapsgewijs) naar 22,25%.

 

Met het afschaffen van de dividendbelasting vervalt ook de afdrachtvermindering voor fiscale beleggingsinstellingen in de dividendbelasting. Daarnaast mogen fiscale beleggingsinstellingen vanaf 2020 niet meer direct in Nederlands vastgoed beleggen (vastgoedmaatregel) i.v.m. het afschaffen van de dividendbelasting.

 

Btw-aangifte kleine onderneming

Ondernemers met max. €20.000 omzet in Nederland kunnen vanaf 01-01-2020 kiezen voor een vrijstelling van omzetbelasting. Deze ondernemers brengen geen btw in rekening aan hun afnemers, mogen geen btw vermelden op hun facturen, zijn ontheven van het doen van btw-aangiften en bijbehorende administratieve verplichtingen. Daar staat tegenover dat zij de btw van aankopen niet kunnen aftrekken. De regeling geldt alleen voor in Nederland verrichte goederenleveringen en diensten.

Deze regeling gaat ook gelden voor stichtingen, verenigingen en bv’s.

 

Verlaging vennootschapsbelasting

De vennootschapsbelasting daalt. Het tarief tot 2 ton winst gaat van 20% naar 19% (2019). Vanaf 2 ton daalt de vpb van 25% naar 24,3% (2019). In 2021 liggen de tarieven op respectievelijk 16% en 22,25%.

 

Afschrijving gebouwen in eigen gebruik

De bv kan gebouwen in eigen gebruik alleen nog afschrijven als die in de boeken staan voor een bedrag hoger dan de WOZ-waarde i.p.v. de huidige 50% van de WOZ-waarde.

 

Investeringsaftrek

De energie-investeringsaftrek wordt per 01-01-2019 verlaagd van 54,5% naar 45%.

De milieu-investeringsaftrek en de willekeurige afschrijving op milieubedrijfsmiddelen worden voortgezet tot 01-01-2024.

 

 


Pensioenmaatregelen

 

“Het huidige pensioenstelsel maakt collectieve verwachtingen van mensen steeds minder waar. De stijgende levensverwachting, veranderingen op de arbeidsmarkt en de aanhoudend lage rente hebben kwetsbaarheden aan het licht gebracht. De regering wil samen met sociale partners werken aan een pensioenstelsel dat deze kwetsbaarheden niet kent en dat tegelijkertijd sterke elementen als de collectieve uitvoering en risicodeling handhaaft.” Troonrede

 

De grote afwezige op Prinsjesdag is een akkoord tussen kabinet, vakbeweging en werkgevers over de pensioenhervorming. Opnieuw is de deadline voor een akkoord niet gehaald. Dat is niet de eerste keer. In 2010 lag er een pensioenakkoord dat sneuvelde door de val van het kabinet-Rutte I en geruzie in de FNV. Daarop gebeurde er hoegenaamd niets, daalde de rente, daalden de dekkingsgraden, bleef indexatie uit en steeg de AOW-leeftijd. Het enige wat we zagen waren proefballonnetjes, verontwaardigde 50plussers, SER-adviezen en een heus nationaal pensioendebat. Het leidde tot veel visiestukken, maar niet tot een hervorming. Het bleef bij polderen en uitstellen. Soms in de ijdele hoop dat de rente wel weer eens zou stijgen en het probleem voor deelnemers opgelost zou worden.

Nu er geen akkoord ligt, moeten veel pensioenfondsen kortingen aankondigen voor 2019 en mogelijk ook al voor 2020. Vooral die voor 2020 liggen gevoelig. Als een kortingen eenmaal aangekondigd zijn, moeten ze worden doorgevoerd. Het gaat om relatief kleine kortingen die over 10 jaar mogen worden uitgesmeerd. Maar het pensioen of de pensioenopbouw wordt wel bevroren of verlaagd.

 

Eind oktober komt het CBS met de levensverwachting voor 65-plussers en blijkt of de AOW-leeftijd in 2024 verder omhoog gaat of niet. Als voor die tijd een akkoord wordt gesloten, kunnen de wettelijke automatismen over pensioenverlaging en leeftijdverhoging genegeerd worden.

 

Minister Koolmees (SZW) heeft laten noteren dat er dit jaar nog een pensioenakkoord komt. Daarbij zet het kabinet in op een hervorming waarbij de premie ‘ten goede moet komen aan de premiebetaler’.

Afschaffing van het huidige systeem kost vele miljarden, vooral om werknemers van middelbare leeftijd te compenseren. De financiering is nu het grote twistpunt in de gesprekken, evenals de pensioenleeftijd. De sociale partners willen de stijging afremmen, maar weten dat een lagere pensioenleeftijd de staat miljarden kost.

 

Conserverende aanslag ter zake van pensioen bij emigratie

Voorgesteld wordt dat conserverende aanslagen ter zake van pensioenrechten en lijfrenteaanspraken niet kunnen worden opgelegd voor zover deze zien op:

  • uitgaven voor lijfrenteaanspraken in de periode vůůr 01-01-1992 of in de periode van 01-01-2001 t/m 15-07-2009
  • aanspraken en bijdragen ingevolge een pensioenregeling die vůůr 16-07-2009 niet tot het loon zijn gerekend

Conserverende aanslagen mogen wel betrekking hebben op pensioenrechten en lijfrenteaanspraken die zijn opgebouwd na 15-07-2009.

 

 


Zorgmaatregelen

 

“Het extra bedrag voor de ouderenzorg loopt in deze kabinetsperiode op naar ongeveer 3 miljard euro per jaar. Ook onze kinderen en kleinkinderen hebben recht op goede en voor iedereen toegankelijke zorg. Daar moeten we nu aan werken, want de groep ouderen wordt groter en de ontwikkeling van nieuwe medische technieken en medicijnen staat niet stil. In de collectieve uitgaven gaat nu van elke euro al meer dan 25 cent naar de zorg. Daarom zijn met de ziekenhuizen, huisartsen, wijkverpleegkundigen en de ggz nieuwe akkoorden gesloten over de kwaliteit en een beheerste kostengroei.” Troonrede

 

De zorgkosten gaan niet omlaag, maar stijgen juist. Volgend jaar met 7% ofwel met €5 miljard. Zonder loon- en prijsstijging is de uitgavengroei nog altijd 3,5%.

In 2019 zijn de zorguitgaven €79,7 miljard. Dat lijkt minder dan de €80,4 miljard van dit jaar, maar daarin zaten ook de uitgaven aan sport en oorlogsgetroffenen. Er is dus geen daling, maar een overheveling van posten. De zuivere zorguitgaven (ziekenhuizen, huisartsen, medicijnen en langdurige zorg) stijgen in 2019 naar €71 miljard. Dat is €5 miljard meer dan in 2018.

De extra miljarden gaan o.a. naar uitbreiding van het basispakket voor de zorgverzekering en de ouderenzorg (+€1,8 miljard, waarvan €1,2 miljard voor verpleeghuiszorg). Nog eens €350 miljoen gaat naar de aanpak van personeelstekorten en €10 miljoen naar de ambulancezorg.

In 2019 betaalt de gemiddelde burger €5.490 aan zorg (2018: €5.239). Daarvan komt gemiddeld €1.432 uit de zorgpremie.

De Raad van State waarschuwt dat de zorgkosten veel sneller stijgen dan de economische groei voor volgend jaar en maant de zorgministers nog meer bij te sturen om de kosten in de hand te houden. Anders dreigt de zorg ten koste te gaan van andere investeringen.

 

  • Het verplicht eigen risico blijft €385.
  • De zorgpremie stijgt met €10 per maand naar €119 p.m. of €1.432 per jaar. In november maken de zorgverzekeraars hun premies bekend.
  • De zorgtoeslag voor de laagste inkomens stijgt in 2019 met €8 per maand voor alleenstaanden en met €24 per maand voor stellen.
  • De inkomensafhankelijke bijdrage stijgt van 5,65% naar 5,7% voor gepensioneerden en zelfstandigen en van 6,90% naar 6,95% voor werkgevers.

 

 


www.ftpcommunicatie.nl

Voorbehoud

 

FTP Communicatie heeft de Miljoenennota 2019 voor financieel dienstverleners opgesteld o.b.v. de beschikbare bronnen. De maatregelen, bedragen en percentages zijn onder voorbehoud, zoals de hele Rijksbegroting onder voorbehoud is.

 


Miljoenennota voor uw klanten

 

Nu bestellen = nu ontvangen

De Miljoenennota in duidelijke taal voor uw klanten. De belangrijkste plannen en maatregelen uit de Miljoenennota en Rijksbegroting 2019 in 6 heldere artikelen: o.a. over zorg, wonen, koopkracht en belasting. Voor uw website, nieuwsbrief of blogs.

Prijs: €99 excl. btw (€119,79 incl. btw).

Ja, ik bestel de consumentenversie van de Miljoenennota 2019

 

 
 
Redactie

De FTP Kennisbrief is samengesteld door de redactie van FTP Communicatie. De nieuwsbrief wordt verstuurd naar 6.000 intermediairs en 1.000 professionals werkzaam bij financials. Voor meer informatie over onze nieuwsservice: (0252) 68 31 00, www.ftpcommunicatie.nl.

 

Website FTP Communicatie | Website FTP Nieuws | Contact | Afmelden